De ISDE-subsidie is al jaren een vast instrument voor huiseigenaren die hun woning verduurzamen. In 2026 zijn de regels ingrijpend herzien: er zijn nieuwe maatregelen bij gekomen, een aantal berekeningen is anders opgezet en voor monumentale woningen geldt een soepelere norm. Wie dit jaar aan de slag gaat, doet er goed aan de wijzigingen door te nemen voor de eerste spade de grond in gaat.
Ventilatie telt nu ook mee
De meest concrete toevoeging is de ventilatiesubsidie. Woningeigenaren krijgen vanaf 2026 eenmalig €400 voor een energiezuinig ventilatiesysteem, mits dat gecombineerd wordt met minimaal één isolatiemaatregel. Kwalificerende systemen zijn afzuigventilatoren met minstens twee CO2-sensoren en warmteterugwinning-units (WTW-units).
Er is een koppelingsregel: de ventilatie mag uiterlijk 24 maanden na de installatie van de isolatiemaatregel worden geplaatst. Wie dit voorjaar begint met dak- of vloerisolatie, heeft dus tot begin 2028 de ruimte om ook de ventilatie te regelen zonder subsidie mis te lopen.
Warmtepomp: zelfde pot, andere verdeling
De berekening voor lucht-waterwarmtepompen is per 2026 aangepast. Het subsidietraject start nu al bij 1 kW (voorheen 2 kW), maar het startbedrag voor de eerste pomp is licht verlaagd: van €1.250 naar €1.025. De energielabelbonus van €200 voor een A+++ pomp blijft.
Wie meerdere pompen plaatst, krijgt voor de tweede en volgende geen startbedrag meer, alleen het vaste deel van €225 per kW. De redenering van het RVO is dat twee kleinere pompen zo in totaal evenveel subsidie opleveren als één grotere. In de praktijk klopt die rekensom: een A+++ pomp van 4 kW levert als eerste unit €1.025 + (4 × €225) + €200 energielabelbonus = €2.125 op. Een identieke tweede pomp levert 4 × €225 = €900.
Overweeg je een warmtepomp te combineren met isolatiewerk? Lees ook onze gids over zelf klussen versus uitbesteden, zodat je van tevoren weet welk deel je aan een vakman overlaat.
Monumentale woningen: ruimere norm voor glas
Bewoners van rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten stuitten jarenlang op een probleem bij glasisolatie: modern superisolerend glas paste technisch niet altijd in historische kozijnen, en de subsidiedrempel voor U-waarden liet weinig ruimte. Die knoop is in 2026 doorgehakt.
Voor monumentaal glas gaat de maximale U-waarde van 3,0 naar 5,8 W/m²K. Dat betekent dat voorzet- en achterzetbeglazing nu vaker kwalificeert voor subsidie. Ook voor reguliere woningen is er een vereenvoudiging doorgevoerd: wie kozijnen vervangt samen met isolerend glas, hoeft voortaan geen aparte documentatie aan te leveren over de isolatiewaarde van het kozijn zelf.
Vloerisolatie: kiezen tussen twee meetmethoden
Bij bodemisolatie gold altijd de Rd-waarde van het materiaal als maatstaf. Vanaf 2026 mag je als woningeigenaar kiezen: of je houdt de Rd-waarde aan (isolatiemateriaal alleen), of je gebruikt de Rbf-waarde die ook de vloer- en bodemconstructie meeneemt. Beide methoden vereisen een minimumwaarde van 3,5 m²K/W.
Dit is met name handig in oudere woningen waar de vloerconstructie op zich al een deel van de isolatiewaarde levert. Met de Rbf-methode kan datzelfde project ineens wél kwalificeren voor subsidie. Vraag je installateur vooraf welke rekenmethode het gunstigst uitpakt voor jouw specifieke vloerconstructie.
Het isoleren van je dak is overigens een van de meest rendabele verbeteringen die je kunt doen. In dit artikel over EPDM dakisolatie lees je hoe het werkt en wat het oplevert.
Biobased isolatie: iets strengere milieudrempel
Voor isolatiematerialen die als biobased zijn geclassificeerd, is de milieukostenindicator (MKI) aangescherpt. De grens gaat van maximaal 0,85 naar 1,90 bij een Rd-waarde van 3,5 m²K/W. In de meeste gevallen verandert er voor bewoners niets: gangbare biobased producten voldeden vorig jaar al aan de eis. Maar wie een minder bekende of nieuwere leverancier gebruikt, doet er verstandig aan dit bij de aankoop te verifiëren.
De juiste volgorde maakt het verschil
Het totale budget van de ISDE-regeling bedraagt in 2026 €500 miljoen. Dat is op zichzelf geen reden om te haasten - de regeling loopt door tot en met 31 december 2030. Maar de volgorde van je verbouwproject doet er wél toe, in elk geval bij de ventilatie-koppelingsregel.
Als je ventilatie wilt combineren met de €400 subsidie, moet de isolatiemaatregel er eerst in zitten. Andersom kwalificeer je niet. Plan je isolatiewerk dit bouwseizoen, dan heb je daarna nog ruim twee jaar om de ventilatiesubsidie te verzilveren. Zo kun je de kosten spreiden zonder subsidie mis te lopen.
Meer weten over de actuele regelgeving? Op de website van RVO vind je de complete voorwaarden en actuele subsidiebedragen. Wil je ook weten welke andere woningverbeteringen het meeste rendement opleveren? Bekijk dan dit overzicht van investeringen die echt waarde toevoegen aan je woning.